De relatie tussen mijn auto en ik was altijd eerder van functionele dan van passionele aard. Toen onze wegen in augustus 2016 scheidden, kwam dit tegelijk angstaanjagend en bevrijdend op me over. Toch werd het - niet zonder enige trots - gevierd, met een sushiplateau (geleverd door een fietskoerier) en een glas champagne. Mijn beslissing werd ingegeven door het besef dat autobezit gelijkstaat met economische en ecologische onzin.

Het is algemeen geweten dat de uitgaven voor een wagen zich niet beperken tot de aankoop van het voertuig, de brandstof en verzekering. Er komen ook onderhoudsbeurten, herstellingen en bandenwissels bij, om nog maar te zwijgen van parkeer- en tolkosten (in het buitenland). En laten we vooral de jaarlijkse verkeersbelasting en de eenmalige belasting op de inverkeerstelling niet vergeten. De prijs aan het einde van de rit: € 696 per maand in België (voor alle types motorisatie). Dat blijkt uit de Car Cost Index van LeasePlan, een uitgebreide studie omtrent de kosten van het wagenbezit, voor kleine tot middelgrote wagens, in 21 Europese landen.

Daarnaast is Brussel de 14de Europese stad wanneer het op verkeersdrukte aankomt en de 41ste op wereldniveau. Antwerpen en Luik vervolledigen de top drie van de Belgische filesteden. De eeuwige files (en de parkeermoeilijkheden) zijn een ware plaag waarvoor mens en economie een hoge prijs betalen: zware gevolgen voor de transportbedrijven, een lagere productiviteit van werknemers als gevolg van stress en vertragingen, een impact op hun mentale en fysieke welzijn. Ook de luchtkwaliteit heeft hier zwaar onder te lijden, een gevolg van de disproportionele energie die een wagen nodig heeft om 1,4 persoon te vervoeren (de gemiddelde bezettingsgraad van een voertuig in België).

Tot slot worden onze wagens ondergebruikt, omdat ze gemiddeld 95% van de tijd stilstaan. Dit gold ook voor mijn auto en was in mijn ogen het toppunt van onzin.

Nieuw leven, nieuwe fiets

Wanneer je auto wegvalt, moet je je reorganiseren. Gelukkig komen de oplossingen uit allerlei richtingen. Voor extra comfort verving ik mijn klassieke fiets door een elektrisch exemplaar met praktische fietstassen, ideaal om boodschappen te doen, en een turbomodus om stevige hellingen te kunnen beklimmen. Dat is natuurlijk een hele investering, maar die blijft miniem in vergelijking met de kosten van een eigen wagen. De trein, die nam ik al regelmatig - ik tokkel liever op mijn toetsenbord terwijl ik aan een cappuccino slurp dan dat ik verplicht ben te lanterfanten omdat ik in de file sta - en sinds kort neem ik ook gratis de bus. Een schrapping van de nummerplaat geeft immers recht op bepaalde voordelen, zoals een bus-, Cambio Start-abonnement en/of een fietspremie, naargelang je in Wallonië, Vlaanderen of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest woont, en dit om duurzame mobiliteit aan te moedigen. In noodgevallen of bij slecht weer (het weer blijkt trouwens minder wispelturig dan je zou denken, ik kan het aantal keren dat ik op mijn fiets door de regen moest, op één hand tellen) is ook de taxi een mogelijkheid. Tot slot en misschien wel vooral heb ik autodelen en carpoolen ontdekt als volwaardige alternatieven voor autobezit.

Autodelen, niet voor alternativo's

Af en toe huur ik een auto: wanneer de afstand te groot is om met de fiets af te leggen, om in het dorp van mijn ouders te raken dat slecht bediend wordt door het openbaar vervoer of wanneer ik wil vertrekken en terugkomen zoals het me goeddunkt. Maar niet eender welke auto, het is "die van de buren". Drivy is een dienst voor autoverhuur tussen particulieren via een online platform. Dit noemen we autodelen. Je schrijft je gratis in door je profiel aan te vullen. Voer het adres in waar je over een auto wilt beschikken, vergelijk de wagens en neem contact op met één of meerdere eigenaars. Nadat je via de app betaald hebt en het huurcontract hebt ondertekend, neem je plaats achter het stuur. Achteraf kan je feedback geven op de eigenaar en zijn voertuig. Dit is een manier om een auto te huren met zo weinig mogelijk kosten, voor enkele uren of enkele dagen, en verzekerd te blijven (of om je eigen wagen te laten renderen). Het is natuurlijk niet allemaal rozengeur en maneschijn, maar uit een slechte ervaring van de ene gebruiker zal een volgende zijn lessen kunnen trekken.

Wanneer ik niet binnen één dag heen en terug moet, kies ik het liefst voor carpooling via BlaBlaCar. In de praktijk gaat het vaak om verplaatsingen naar het buitenland, namelijk van en naar Genève. Ook al weiger ik appels te eten die van elders zijn aangevlogen, toch neem ik af en toe het vliegtuig. Niemand is toch perfect? Bovendien laat Brussel-Genève in 1 uur en 15 minuten alle concurrentie in het niets verdwijnen. Maar de laatste keer heb ik BlaBlaCar gebruikt. Deze dienst is sinds april 2016 in België beschikbaar en telt intussen al enkele honderdduizenden leden. Robert Morel, woordvoerder van BlaBlaCar: "Vandaag telt BlaBlaCar meer dan 65 miljoen leden wereldwijd en wordt het voornamelijk gebruikt voor langeafstandstrajecten (gemiddeld 300 km). Ook al heeft de BlaBlaCar-community niet hetzelfde volume in België dan in een land zoals Frankrijk (15 miljoen leden), waar de dienst al meer dan 12 jaar beschikbaar is, toch zijn we erg tevreden over hoe de service in België onthaald wordt."

BlaBlaCar, de dienst die zijn naam niet gestolen heeft

In het begin zag ik ertegen op om 8 uur door te brengen aan de zijde van een volslagen onbekende (m/v). Maar dankzij de volledige profielen van de bestuurders (foto's, de redenen voor hun rit) en de geruststellende feedback die andere gebruikers hadden achtergelaten, smolt mijn ongerustheid als sneeuw voor de zon. De inschrijvings- en gebruiksvoorwaarden van BlaBlaCar hebben veel weg van die van Drivy. Nadat je je hebt ingeschreven en je identiteitskaart hebt laten valideren, zoek je een BlaBlaCar naargelang je tijds- en geografische criteria. "Sinds begin 2018 heeft BlaBlaCar een nieuw zoekalgoritme voor trajecten, waarmee de passagiers hun precieze vertrek- en aankomstadres kunnen ingeven. Zo zien ze de bestuurders die in hun buurt langskomen en kunnen ze hen een reserveringsaanvraag sturen. Daarnaast krijgen de bestuurders op hun beurt ontmoetingspunten voorgesteld die op de route liggen, wat de mogelijkheden om trajecten te delen sterk doet toenemen", zo gaat Robert Morel verder.

Op die manier heb ik in Genève Laurie ontmoet, een Brusselse die in Lausanne werkt. "We kunnen zoveel van elkaar leren. Ik leg wekelijks de afstand tussen Zwitserland en België af. De perfecte gelegenheid om samen met passagiers van verschillende profielen en achtergronden de wereld te verbeteren, terwijl we de kosten delen en onze voetafdruk verkleinen", zo vertelt Laurie vrolijk. Ik leerde ook Véronique en Nicolas kennen, een koppel uit de Haute-Savoie dat plaatsnam op de achterbank en ons tot in Zaventem vergezelde. Daar moesten ze een vlucht nemen naar Mexico, waar ze al 12 jaar wonen en een Franse bakkerij hebben opgestart. De autoverhuurdienst heeft zijn naam dus niet gestolen: er werd heel wat gebabbeld (en afgelachen). "Autodelen is praktisch, economisch en ecologisch, maar laat je daarnaast ook toe om nieuwe sociale contacten te leggen. Op basis van een enquête bij meer dan 5000 leden in negen landen heeft onze studie Nous Rapprocher ("Dichter bij elkaar") aangetoond dat 87% van onze community de gesprekken tijdens de rit als een verrijking ervaren", preciseert Robert Morel.

Onze redactrice gebruikte BlaBlaCar om van Genève naar Brussel te pendelen

© BlaBlaCar

Zo deelde ik niet alleen een auto, maar ook een notentaart (klaargemaakt door de mama van Véronique) met drie personen die ik anders nooit had leren kennen. En intussen maakte ik notities voor mijn volgende artikel. Laurie was in topvorm en heeft ons niet gevraagd om het stuur over te nemen, ook al is dit voor de verzekering toegelaten, op voorwaarde dat de bestuurder het merendeel van de tijd rijdt en dat hij eigenaar is van het voertuig (of toelating heeft om het te gebruiken). Ze toonde zich flexibel en maakte probleemloos een omweg om ons op onze bestemming af te zetten.

Een multimodale oplossing

Er is een revolutie gaande. De aankoop van een wagen is voor de jongere generaties niet langer het ultieme overgangsritueel naar de volwassenheid. De fietspaden en de stiptheid van de NMBS zijn dan misschien nog niet helemaal tegen de uitdaging opgewassen, dat neemt niet weg dat autosolisme negatieve gevolgen heeft voor het milieu en de sedentaire levensstijl ons lichaam schade toebrengt. Het alternatief is een multimodale oplossing, afgestemd op ieders individuele en geografische situatie. Zo betaal ik alleen nog voor het wagengebruik en niet langer voor het wagenbezit. Een Brusselse vriendin, een magistraat, rijdt op haar elektrische monowheel naar de Raad van State. Nog nieuws over zachte mobiliteit: de elektrische deelstep heeft deze zomer zijn intrede gedaan in Luik. Ik heb ook een koppel ontmoet dat met de tandem op vakantie ging en een papa die zijn kinderen naar school brengt met een bakfiets. Een van mijn vroegere collega's rijdt in Bergen rond met een hybride auto. En twee bevriende koppels met kinderen, het ene in hartje Anderlecht, het andere ver weg in de provincie Luxemburg, namen het besluit om zich tot één auto te beperken. Tot slot zijn er nog al die mensen die dagelijks met de trein gaan werken, ook al beschikken ze over hun eigen voertuig. Een kwestie van logisch verstand.

Naast de ecologische en economische overwegingen blijk ik meer tijd en minder stress te hebben. Ik word niet langer gegijzeld door de files, wat me een gevoel van vrijheid bezorgt. Op de fiets of op de bus leer ik mijn wijk en zijn inwoners beter kennen. Naar het schijnt zie ik er zelfs beter uit! Misschien wel omdat ik niet langer moet bijtanken. En daar kan ik letterlijk en figuurlijk geen prijs op plakken.