Helpper start activiteiten in Brussel: ‘Ik denk dat de deeleconomie in de zorg onvermijdelijk wordt’

© iStock
Roeland Byl redacteur bij Trends

Zelfs in de zorgsector duikt de deeleconomie op als alternatief. Deze week lanceert Helpper zijn diensten in Brussel. Dat is de derde stad waar het netwerk zijn activiteiten opzet.

Helpper is een digitaal platform in de sociale deeleconomie. Het koppelt zorgbehoevende mensen die thuis ondersteuning nodig hebben aan buurtbewoners die tegen een kleine vergoeding willen helpen. Dat kan gaan om boodschappen doen, huishoudelijke taken of ziekenvervoer. Op 12 september lanceerde Helpper zijn platform in negentien Brusselse gemeenten. In Antwerpen draait het al sinds augustus vorig jaar en in Gent is het operationeel sinds oktober vorig jaar. Voor eind dit jaar komt er nog een vierde regio bij.

Uit ervaring

Het idee voor Helpper is ontstaan in mei 2016. François Gerard zag dat zijn vader ondersteuning nodig had, maar zijn gading niet vond in de klassieke thuishulp. “Die mensen zijn van ongelooflijk goede wil, maar moeten vaak een verzoek weigeren”, zegt hij. “Na 17 uur langskomen, de privéauto gebruiken om mijn vader naar de dokter te brengen, dat kon allemaal niet. Logisch vanuit het standpunt van een organisatie, maar niet vanuit het perspectief van een hulpzoekende. Wij hebben daarom iemand uit de buurt aangesproken. En dat werkte. Daar is het idee ontstaan dat concept wettelijk omkaderd aan te bieden aan zo veel mogelijk mensen.”

Helpper moet een hiaat in de klassieke thuiszorg opvullen

Helpper moet een hiaat in de klassieke thuiszorg opvullen. “Heel snel zijn de ziekenfondsen Partena en PartenaMut meegestapt in het idee”, zegt Gerard. “Zij financieren ook de opstartfase. We praten met vijf andere zorgactoren die interesse hebben betoond om in te stappen.”

Op dit moment telt het jonge bedrijf ongeveer duizend zogenoemde helppers en 460 helppees, die hulp ontvangen. Er zijn zes werknemers en de zevende aanwerving is aan de gang.

Meer dan autodelen

De deeleconomie heeft de wind in de zeilen. Maar kun je die logica zomaar toepassen op de gesloten zorgsector? Gerard: “De zorgsector is complexer, onder meer door de behoefte aan privacy. Niemand wil zijn zorgbehoefte zomaar online zetten. Maar dat zijn obstakels die te overwinnen zijn. Wij moeten er als sector voor zorgen dat het geen blokkades worden.”

Dat doet Helpper bijvoorbeeld door omzichtig om te springen met gevoelige informatie. “Wij doen bij iedereen grondige identiteitscontroles. Dat is nodig omdat onze helppees meestal kwetsbaar zijn. We gaan daarin verder dan andere deeleconomieplatformen en ook verder dan wat de wetgeving vraagt. Pas nadat we iemands identiteit bij de overheidsdienst Binnenlandse Zaken hebben gecontroleerd, komt er een sollicitatiegesprek waarin we peilen naar zijn motivatie. Pas daarna krijgt iemand toegang tot het platform.”

De deeleconomie in de zorg is volgens Gerard ook slechts mogelijk in een strakke wettelijke context. “Daarom kon Helpper pas starten nadat de wetgeving voor deeleconomie vorig jaar in ons land van kracht is geworden. Het is oké iemand te laten meerijden of een klusje te laten klaren als je sterk staat in het leven. Maar voor onze niche is een duidelijk wettelijk kader nodig. België is daarin een voorloper.”

Schaalgrootte

Waarom gelooft Helpper dat er naast de thuisverpleging of de reguliere thuiszorg een plaats is voor de sociale deeleconomie? “Ik denk dat de deeleconomie in de zorg onvermijdelijk wordt”, zegt François Gerard. “We kampen met een budgettaire crisis in de zorg, en we weten dat die de komende decennia zal verergeren. Daarom moeten we meer proberen te doen met dezelfde middelen. En dat is net de belofte van de deelconomie: het principe van middelen beter te benutten. Technologisch is de deeleconomie niet complex. Er is ook een groeiend begrip van wat deeleconomie betekent.”

‘We willen niet dat mensen het voor het geld doen, maar we hebben het aantrekkelijk gemaakt om in iemands leven echt een verschil te maken’

“Onze helppers zijn dikwijls jonggepensioneerden”, zegt Gerard. “Het mensen met tijd, die op zoek zijn naar zingeving, nadat ze hun baan achtergelaten hebben. We hebben ook veel studenten in verpleegkunde en maatschappelijk werk, die liever een bijverdienste in hun branche zoeken dan een horecabaantje te nemen. Gemiddeld doet een Helpper twee tot drie uur per week. Wielertoeristen spenderen vaak meer tijd aan hun hobby.”

Netto houdt een helpper 7 euro per uur over van de 9 euro die gebruikers betalen. Hoewel ze betaald worden, halen de helppers geen volwaardig inkomen uit hun activiteit. “Dat is ook de bedoeling”, zegt Gerard. “We willen niet dat mensen het voor het geld doen, maar we hebben het aantrekkelijk gemaakt om in iemands leven echt een verschil te maken. We merken trouwens dat hoe meer iemand hulp nodig heeft, hoe makkelijker het is om hulp te vinden.”

Met het verschil van 2 euro per uur runt Helpper zijn business. “Dat is een kleine marge, dus moeten we het hebben van schaalgrootte”, zegt Gerard. “Daar werken we aan door geografisch onze vleugels uit te slaan. We willen tegen 2020 break-even draaien.”

En dat alles zou een besparing opleveren voor de ziekteverzekering. “Een uur thuiszorg kost de maatschappij ongeveer 28 euro”, zegt Gerard. “Daar komt nog 3 tot 35 euro bij van wat de patiënt zelf betaalt. Wij kosten 9 euro aan de cliënt en de maatschappij samen, terwijl wij in grote lijnen hetzelfde doen. Voor ons eerste volledige kalenderjaar schat ik de maatschappelijke kostenbesparing op 500.000 euro. De komende drie jaar zijn cruciaal. Als wij slagen, dan is onze aanpak een motor voor besparingen in de zorg. En daarmee zouden we een voorbeeld kunnen zijn voor de rest van Europa.”

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content