BelPIU, of de Belgian Passenger Information Unit, draait al een tijdje proef, maar nu gaat het nieuwe systeem officieel van start.

Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA), eurocommissaris voor Veiligheid Julian King en de verantwoordelijken van alle betrokken diensten kwamen maandagochtend samen in Brussel om het protocolakkoord te ondertekenen.

De federale politie werkt voor PIU samen met de Staatsveiligheid, de militaire inlichtingendienst Adiv en de douane. Dertig gedetacheerden van die vier diensten werken samen in een streng beveiligde ruimte in de gebouwen van het federaal Crisiscentrum. Enkel zij hebben toegang tot de passagiersgegevens van de luchtvaartmaatschappijen waarmee ons land al een akkoord heeft.

De data komen 48 uur voor het vertrek van de vlucht in de PIU-databank, waarna de medewerkers ze kunnen analyseren op basis van de 'watchlists' van de verschillende diensten.

Bij een 'hit' wordt de informatie meteen gedeeld tussen de verschillende diensten, die dan beslissen welke actie nodig is: een persoon kan onderschept, ondervraagd en aangehouden worden, maar de diensten kunnen ook beslissen om de informatie gewoon toe te voegen aan de databanken om zo onder meer drugsnetwerken in kaart te brengen.

Op die manier is maandagochtend bijvoorbeeld nog een drugskoerier met 160 kilogram drugs onderschept. Om ook lastminute-passagiers te kunnen controleren, sturen de luchtvaartmaatschappijen de gegevens vlak voor het vertrek van de vlucht nog eens door.

Momenteel screent de PIU al 28 procent van alle passagiers op Belgische luchthavens. Omdat er nog onderhandelingen lopen met 13 andere maatschappijen, moet dat binnenkort 60 procent worden, legt PIU-baas Gunter Ceuppens uit. Tegen eind 2019 moet de volledige luchtvaartsector aangesloten zijn.

Minister Jambon werkt ook aan akkoorden met andere landen voor bus-, trein- en scheepvaartverkeer. Er lopen onder meer onderhandelingen met Frankrijk en Thalys, met de Britten en Eurostar start nu een proefproject op.